De stilte werkt verslavend

Het is dat gevoel van continue verveling. De fysieke lockdown is het ergste niet. Het is de mentale lockdown waar ik last van heb. De huidige coronamaatregelen lokken meer uit dan alleen veel binnen zijn en thuiswerken. Ze maken de dagen vlak, de uren lang en het perspectief klein. Toch houd ik mijn vizier open. Ik tuur naar de horizon en zoek lichtpunten. En als ik heel goed kijk, geduldig en met aandacht, kan ik er een paar ontdekken.

Het maakt op dit moment niet uit of ik op een doordeweekse dag of in het weekeinde werk. Schrijven kan op ieder moment, zolang er maar focus en creativiteit ontstaat. Maar daar lijkt een tijdelijk slot op te zitten. Hoe ik er ook aan rommel; ik krijg het vooralsnog bar weinig open. De momenten waarop er productiviteit bestaat, zijn schaars. Ik koester wat lukt.

Ik kijk ’s ochtends al uit naar de namiddag met podcasts. Er bestaat geen verschil meer tussen het ochtendhumeur en de avondvermoeidheid. Eerder alledaagse dingen zijn plots van immense betekenis. Groteske gebeurtenissen doen er niet meer toe. De knoop in mijn maag zit er voortdurend. Als ik wil weten hoe het aan de andere kant van de wereld gaat, moet ik eerst bergen coronanieuws doorploegen. Het maakt mij moe.

We koken samen iedere dag vers. De Cup-a-Soup lonkt; er staan opeens veel pakjes in de kast. Ik vind die met aspergesmaak het lekkerst en bewaar bij iedere kop de klontjes voor het laatst. Het kost mij op sommige dagen gruwelijk veel moeite om te bewegen. Sporten zonder de context van een trainer en een sparringpartner voelt onaf. Ik blijf zo in mijn hoofd zitten. De televisie staat minder vaak aan. Ik erger mij aan van alles wat ik op de beeldbuis zie.

Ik weet dat we in contact moeten blijven met elkaar, maar de stilte werkt verslavend. Ik vind het zonde om een rustige dag af te sluiten met een kletspraatje. Een diepgaand gesprek vind ik fijn om te voeren, terwijl het tegelijkertijd een bassin aan oude rommel opentrekt. Samenwonen is onder deze omstandigheden niet alleen maar ‘gezellig’. Het kost energie. Daarom verstop ik mijzelf iedere dag een tijdje op het onbewoonde eiland dat ons bed overdag is.

Het liefst help ik iedereen erdoorheen. Graag draag ik mijn steentje bij. Maar op dit moment doe ik dat door mij terug te trekken. Er juist even niet te veel te zijn. Er zijn zat mensen met goede bedoelingen; laat hen maar bewijzen waar ze al zo lang voor zeggen te staan. Ondertussen doe ik wat ik kan, voor wie ik liefheb. Ik vraag mij af of ik nog wel met zoveel afleiding kan leven wanneer het gewone leven weer verdergaat. Of de verstilling in mijn hoofd het razende tempo waarin we alles deden nog bij kan houden.

Ik ga het zien. Ik wacht het af. Ik houd van het leven en van alles wat daarbij hoort. En dat is ook dat continue gevoel van verveling, denk ik.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *